Orgaanverwijdering en gedwongen commercieel draagmoederschap

Orgaanverwijdering en gedwongen commercieel draagmoederschap

Onderzoek van de Nationaal Rapporteur naar mensenhandel met het oogmerk van orgaanverwijdering en gedwongen commercieel draagmoederschap. Het volledige onderzoek is te downloaden via de link onderaan deze pagina.

Eerste onderzoek naar gedwongen commercieel draagmoederschap

Het is de eerste keer dat Nationaal Rapporteur Corinne Dettmeijer onderzoek doet naar het verband tussen gedwongen commercieel draagmoederschap en mensenhandel. Gedwongen draagmoederschap wordt in het Wetboek van Strafrecht niet expliciet beschreven als een vorm van mensenhandel, maar kan worden beschouwd als een vorm van gedwongen dienstverlening. Daarvan kan sprake zijn wanneer voornamelijk anderen (bemiddelaars, echtgenoten) geld verdienen aan de draagmoeder en de draagmoeder alle financiële risico’s en gezondheidsrisico’s draagt.

In Nederland zijn de regels rondom draagmoederschap streng. Commercieel draagmoederschap (het zijn van draagmoeder voor een financiële vergoeding) is niet toegestaan, in tegenstelling tot landen als de Verenigde Staten, India en Oekraïne. Op de internationale ‘babymarkt’ brengen intermediaire bedrijven wensouders, draagmoeders en vruchtbaarheidsklinieken met elkaar in contact. Internet, mondialisering en voortschrijdende voortplantingstechnieken maken het gebruik van die buitenlandse diensten steeds laagdrempeliger. Daarin schuilt een risico: de rechten van draagmoeders worden niet in alle landen gewaarborgd. "Niemand wil meewerken aan het verschijnsel dat vrouwen worden uitgebuit om kinderen te krijgen. De overheid zou wensouders daarom over deze risico’s moeten voorlichten. Dat wordt nu nog niet gedaan," aldus de Nationaal Rapporteur.

Knelpunten en aanbevelingen gedwongen commercieel draagmoederschap

In het onderzoek signaleert de Nationaal Rapporteur knelpunten met betrekking tot (gedwongen commercieel) draagmoederschap en doet zij enkele aanbevelingen, waaronder:

  • Hoogtechnologisch draagmoederschap (het inbrengen van een embryo ontstaan door IVF, al dan niet genetisch verwant aan de wenshouders) is als gevolg van zeer strikte voorwaarden toegankelijk voor een zeer beperkte groep wensouders. Wellicht zou een soepeler regime de vraag naar buitenlandse draagmoeders kunnen doen afnemen.
  • De vraag kan worden gesteld of de Nederlandse overheid geen verplichting heeft om te voorkomen dat wensouders gebruik maken van een buitenlandse draagmoeder uit landen waar de rechten van draagmoeders niet goed worden gewaardborgd.
  • Een eerste stap in het ontmoedigen van draagmoederschap uit risicolanden is het geven van goede voorlichting aan wensouders over de risico's van uitbuiting.

Orgaanverwijdering

Al eerder besteedde de Nationaal Rapporteur aandacht aan mensenhandel met het oogmerk van orgaanverwijdering (Vijfde en Zevende Rapportage Mensenhandel). In het onderzoek besteedt zij aandacht aan actuele ontwikkelingen op het gebied van orgaandonatie en het gedwongen afstaan van organen.

Er zijn geen aanwijzingen dat deze vorm van mensenhandel veel voorkomt in Nederland of dat Nederlanders zich daaraan in het buitenland schuldig maken, maar de Nationaal Rapporteur roept op tot oplettendheid. "Gelet op het nog steeds nijpende tekort aan orgaandonoren, internationalisering en internet blijft waakzaamheid geboden. Vormen van mensenhandel die wij in het buitenland zien, zullen vroeg of laat ook hier gaan spelen. Daar moeten we op voorbereid zijn," aldus Corinne Dettmeijer. Het ministerie van VWS moet hierin een voortrekkersrol nemen door orgaanhandel en orgaantoerisme beter in kaart te brengen.

Knelpunten en aanbevelingen orgaanverwijdering

In het onderzoek signaleert de Nationaal Rapporteur knelpunten op het gebied van mensenhandel met het oogmerk van orgaanverwijdering en doet zij enkele aanbevelingen, waaronder:

  • Commercialisering van orgaandonatie kan de vrijwilligheid van de donatie in gevaar brengen. Daar waar geld verdiend kan worden aan mensen en hun lichaam, bestaat er risico op mensenhandel. Terughoudendheid is dus geboden. Mocht het in de toekomst tot (een vorm van) commercialisering komen, dan heeft het de voorkeur donoren niet (direct) geldelijk te belonen, maar bijvoorbeeld via een (indirecte) levenslange vrijstelling van ziektekostenpremies.
  • Om orgaanhandel en orgaantoerisme beter in kaart te kunnen brengen is hulp en oplettendheid nodig van instanties op het terrein van orgaandonaties (zoals medisch personeel en zorgverzekeraars). Om meldingen en registratie van mogelijke gevallen gemakkelijker te maken zou deze taak bij een instantie kunnen worden neergelegd.
  • Indien een persoon om onduidelijke redenen van een wachtlijst voor orgaantransplantatie verdwijnt, zou dit een aanwijzing kunnen vormen voor het ondergaan van een orgaantransplantatie in een onofficieel circuit, met mogelijke misstanden. Herhaling van onderzoek (zoals eerder uitgevoerd in 2008 en 2010) door de Minister van VWS verdient aanbeveling, om een overzicht te krijgen van de actuele stand van zaken.

Het onderzoek is te downloaden via onderstaande link en is verschenen in het Nederlands en het Engels.